22 mrt

Waar zijn de paaseieren?!

Waar zijn de paaseieren?!

Een haas staat te huilen in de tuin. Lizzy weet raad.

Hallo lieve kinderen! Weten jullie dat het bijna Pasen is? Lekker paaseitjes eten! Die vind ik misschien wel net zo lekker als boterbloemkoekjes. Ik vind alle smaken paaseitjes lekker. Chocolade-eitjes gevuld met aardbeiroom, of eikeltjespuree, of bessenjam, of, of……HAHAHAHA!!! Ik kan niet kiezen. Wij trollen zijn gek op snoepen. Jij ook? Niet teveel hè, anders wordt je misselijk. Ik ben nog nooit misselijk geworden. Maar ja, ik ben dan ook een trol, wij kunnen hééél veel eten. HAHAHAHA!

In het verhaaltje van deze week komt Lizzy de Paashaas tegen. Maar waar zijn de paaseieren? Ga maar lekker lezen…
Lizzy doet het deurtje open en kijkt in de slaapkamer van het mensenkind Lotte. Lizzy woont nu al een tijdje bij Lotte. Ze schrijven elkaar vaak briefjes en Lotte versiert ook vaak het elfendeurtje met een knutsel die ze van FixNix heeft geleerd. Lizzy en Lotte zijn echt dikke vrienden geworden.

Vandaag is het stil in huis. Lotte is naar school en de papa en mama van Lotte zijn werken. Er ligt een mooie knutsel voor het elfendeurtje. Het is wel drie keer zo groot als Lizzy. Lotte heeft een haas gemaakt van een soort wol-draadjes. ‘Wacht even!’, denkt Lizzy opeens. ‘Het is natuurlijk bijna Pasen! Wauw, wat lief van Lotte zeg’.

Opeens voelt Lizzy een hete wind in haar nek. Ze schrikt een beetje en draait zich vlug om. Ze kijkt in twee grote ogen die haar aanstaren. ‘Hoi, hoi Lizzy. Wat heb je daar? Dat ziet er mooi uit’. Het is Loebas de hond. ‘Jeetje Loebas. Je laat me schrikken’, zegt Lizzy. ‘Voor zo’n grote hond kan jij wel heel stilletjes lopen. Ik zal je eens kietelen boef!’. Lizzy vliegt heel snel om Loebas heen en ze kietelt hem onder z’n buik en achter zijn oren. Loebas ligt te rollen van het lachen. ‘Huhuhuhuh!!! Hou op! Hou op! Ik krijg pijn in mijn buik. Ik kan niet meer!’.

Lizzy moet ook lachen. ‘Ok, boef! Maar dan moet je mij wel beloven dat je me niet meer zo zal laten schrikken.’ ‘Ok, ok’ zegt Loebas. ‘Ik beloof het. Ik kwam alleen even langs om je wat te vertellen. Ik zat net naar buiten te kijken door het raam. Ik zag in de tuin twee grote flaporen door de struiken heen en weer gaan. Het leek ook wel of ik iemand hoorde huilen. Ik kan niet naar buiten want de deur is op slot. Maar één van de ramen staat op een kiertje. Misschien kan jij even kijken?.’

Even later is Lizzy in de tuin. Ze ziet inderdaad twee lange bruine oren tussen de struiken. En ze hoort ook een stem ‘O jee. O jee. Wat moet ik nu doen? Wat moet ik nu doen? Hoe moet ik dit nu uitleggen aan de paashaas?’. Lizzy kijkt in de struiken. Het is een haas! Met een rode strik om zijn nek en een lege mand op zijn rug. ‘Hoi, ik ben Lizzy. Kan ik je helpen?’. De haas is helemaal van streek. ‘Hallo elfje. Ik ben Zoefsnoef. Ik ben een hulpje van de paashaas. Het is bijna Pasen en we zijn druk bezig met het maken en versieren van de paaseieren, zodat ze klaar zijn om uit te delen wanneer het zover is. Ik had net een hele lading paaseieren opgehaald bij de versierhazen. Ik weet niet wat er gebeurd is. Ik denk dat ik een beetje te hard hebt gesprongen. Al mijn eieren zijn uit de mand gevlogen. Ik kan ze niet vinden! Wat moet ik nu doen! Wat moet ik nu doen! O, o, o, o, oooohhh! BOEHOEHOEHOE!’.

‘Geen probleem’, zegt Lizzy. ‘Wij elfjes zijn razendsnel. Ik zal eens rondvliegen en alle dieren die ik tegenkom vragen om te helpen zoeken’. Zo gezegd, zo gedaan. Nog voor de haas al zijn traantjes gedroogd heeft, zijn de eitjes al weer terug in zijn mandje. Zelfs een slak heeft mee geholpen met zoeken en heeft er twee gevonden. ‘Dank je wel Lizzy!’, roept Zoefsnoef terwijl hij wegspringt. O jee! Er valt weer een eitje uit!

Misschien krijg jij met Pasen wel één van de eitjes van Zoefsnoef? Fijne Pasen alvast!

We zouden het heel leuk vinden als je ons laat weten wat jij met Pasen gaat doen en misschien een leuk bericht achterlaat op onze Facebook pagina.